Fred Nijhuis

Your favorite Dutch wine writer

NCS werkt graag samen met:

De toekomst van wijn en andere bla bla…

De toekomst van wijn en andere bla bla…

Fotostudio Ingrid Driessen

Je weet vast wat ik bedoel als ik zeg dat ik het wel snap, maar niet begrijp…

Ik doel in dit geval over de vele, en dan vooral verschillende, meningen over wijn en de toekomst ervan. Omdat er redelijk wat zaken zijn die me verbazen, intrigeren of irriteren, voel ik een onbedwingbare behoefte om mijn visie op de toekomst van wijn te delen; (wellicht) ter leering (maar in ieder geval) ende vermaek…

Alternatieve rassen
Ook geloof ik niet in de opkomst van ‘andere’ druivenrassen. Alsof we eventjes alle airèn, pinot grigio, glera, chardonnay en cabernet sauvignon kunnen vervangen door tsolikouri en okuzgozu; niet realistisch en evenmin nodig. Ook de roep om klassieke wijnen en druiven is naar mijn mening niet relevant of van betekenis. Wat is klassiek? Bordeaux? Zeker niet, want daar zijn de klassieke druiven, geuren en smaken verdwenen na de phylloxera. Amarone, nee, want dat is nooit een klassieker geweest. Rioja? Amper, want traditionele wijnen uit deze fantastische streek zijn op 1 hand te tellen, het merendeel is op een internationale leest geschoeid. Klassieke smaken dan? Nee, ook niet. De smaken van weleer kent bijna niemand meer, dus ernaar verlangen is een utopie. Moeten we wijnen dan anders gaan maken? Nee, dus.

Licht en fris
Willen we dan wijnen met meer fraîcheur of minder tannine? Nee dat denk ik niet. Er is een behoefte aan normale wijnen, wijnen die je gewoon kunt drinken. Geen zure troep door een overdaad aan fraîcheur of slappe hap door het ontbreken van tannine voor de broodnodige structuur. Een wijn met teveel zoet, zuur, tannine, hout of alcohol is altijd al een slechte wijn geweest die niemand lekker vindt. Wat nu precies teveel is, is overigens een leuk onderwerp. Wat de ene mens een overdaad noemt, ervaart een ander juist als een gebrek aan. Daarom ben ik ook gestopt met het blind beoordelen van wijnen. Ik vind het onzin om wijnen blindelings en onverbiddelijk te veroordelen tijdens een proeverij met niet meer dan een vermeende toegevoegde waarde, waar de essentie van wijn een ondergeschikte rol speelt. Er wordt namelijk voorbij gegaan aan hun individuele identiteit en hun vermogen om juist onder andere omstandigheden te ontroeren, vermaken en vooral… heerlijk te smaken! Bij (vrijwel) alles wat we kiezen in het leven, gebruiken we al onze zintuigen; bij wijn moet dat blind? Alsof we partners, kleding en auto’s ook blind kiezen (hoewel dat wel kan verklaren waarom mensen in een Datsun Puke rijden of een auto die per ongeluk is afgeleverd in matte grondverf…).  

Wijn-spijs
En gaan we eten, dan is een hogere zuurgraad of die extra stevige tanninestructuur die we zojuist blind hebben afgekeurd, juist precies wat een gerecht nodig heeft. Daarom heb ik niks met wijn-spijs experts die alles nodeloos ingewikkeld maken en eindeloos zeuren over ultieme combinaties van unieke gerechten met bijzondere wijnen die niemand ooit kan genieten. Tegen de tijd dat de consument er over leest, zijn de ingrediënten van het gerecht en de wijn alles behalve hetzelfde (lam, kreeft, kersen uit ander seizoen en de wijn ouder, warmer, uit ander oogstjaar, geschonken in ander glas etc. etc.). Ik doe er niet aan mee, behalve dan dat ik heel graag van een glas wijn bij eten geniet. Of dat dan een droge sauvignon is bij bavette, rode wijn bij zalm of een ‘dessert’-wijn bij het voorgerecht interesseert me niets. Wat ik lekker vind, bepaal ik lekker zelf. Wijn-spijs is een illusie en ik vind het een heerlijke illusie, zoals sommige sommeliers op magische wijze weten te realiseren.

Gezond
Of dat lekker ook gezond is, blijft natuurlijk een lastig onderwerp. Een teveel aan o.a. vet, zoet en alcohol (zelf voeg ik daar graag de meeste Nederlandstalige muziek aan toe) is af te raden, maar decennia terug was er al eens een professor die stelde dat er meer mensen dood gaan aan stress (door werk, huwelijk, geld of een combinatie daarvan) dan aan een glaasje alcohol en aan die stelling hou ik me nog altijd vast. Volgens mij is de verslaving aan roken, vapen, tiktokken, FatDonalds en Starsucks ernstiger dan het nuttigen van een glaasje wijn en is gezondheid niet de reden waarom wijnconsumptie is afgenomen.

Leeftijd
Opmerkelijk vind ik het toenemende gehuil over de afnemende aandacht van ‘de jeugd’ voor wijn. Die jeugd is niet alleen slechts 1 type jongere, maar ook een steeds kleiner wordende doelgroep en daarmee eigenlijk minder belangrijk voor de toekomst dan velen veronderstellen, tenzij je het deel neemt dat nog nooit met wijn ik aanraking is gekomen en een interessante, onontwikkelde doelgroep vormt. De groep jongeren bestaat overigens uit vele nationaliteiten, culturen, milieus, religies of andere overtuigingen of genders met totaal verschillende kenmerken en voorkeuren. Jongeren dus als 1 type consument neerzetten is absurd. Daarnaast staat vast dat de groep ‘ouderen’ veel groter is dan de populatie ‘jongeren’ en die ouderen vind ik daarom veel interessanter. Daar komt bij dat de vermeende afname van aandacht voor wijn van de jeugd veroorzaakt is door de oudere generatie en als je de oorzaak wegneemt, heb je geen last van de gevolgen. Ik pleit dus juist voor meer attentie voor de oudere generatie, ook al is deze net zo divers als ‘de jeugd’. Voor die oudere generatie geldt dat ze de weg plaveit voor de nieuwe en als we wijn onder deze groep (weer?) populair maken, dan volgt de nieuwe generatie vanzelf. Wat daar volgens mij voor nodig is, is niet zo heel moeilijk. Naar mijn mening is het woord moeilijk juist datgene wat het imago van wijn geweld heeft aangedaan. In plaats van gewoon te mogen genieten van een glas wijn, zijn we er moeilijk over gaan doen en hebben we grote delen van de bevolking ermee weggejaagd.

Drempels
Terroir, mineraliteit, vulkanisch, cool climate, verticale zuren, polyfenolen, krijtachtige tanninestructuur, pH, het aroma van Algerijnse abrikozen of de bloesem van de kakivrucht (ja, deze onzin heb ik echt moeten aanhoren van collega’s), medium++ en eindeloos geneuzel over ‘wijn-spijs’ zijn begrippen geworden die hoge drempels hebben opgeworpen waar een normale consument niet overheen komt. Zo jaagt de Ghost Horse Vineyard ‘Premonition’ Cabernet Sauvignon met z’n prijs van $ 6000,00 wijnliefhebbers juist weg en verliest hij daarmee intrinsieke waarde, terwijl door de bax-in-box  Gallo White Zinfandel ($ 30,00 voor 3 liter) honderduizenden Amerikanen wijn in plaats van cola zijn gaan drinken en daarmee eigenlijk van onschatbare waarde is. Wijn is primair bedoeld als consumptieproduct, iets wat we gewoon kunnen drinken zonder dat we er een ‘master opleiding’ voor hoeven te hebben. Je hebt trek in een glas wit of rood, trekt een fles open en geniet ervan, zoals je ook de radio aanzet voor wat muziek, iets gemakkelijk aantrekt na een dag in driedelig grijs te hebben rondgehobbeld of gewoon even wil relaxen zonder toestanden. Ik denk dan aan de tekst van ‘Bottom of this’ van Blackberry Smoke: “I’ll get to bottom of that (the boss, bank, bills, empty tank, wife, kids, politics, religion, war and why do we all exist), after I get to the bottom of this (just one beer)”.

Niet
Wat we niet nodig hebben is nog meer mensen die het tegenovergestelde willen bereiken: wijn iets maken wat je alleen kunt begrijpen (of van kunt genieten) als je er verstand van hebt. Ik heb het idee dat het zicht op een heldere toekomst van wijn is vertroebeld door meerdere onvergeeflijke fouten, die wie zelf hebben verzonnen en gemaakt.

Zo hebben we:

  • onszelf wijs gemaakt dat een mens objectief kan zijn (terwijl individuele creativiteit en identiteit juist de essentie van de mens zijn)
  • wijnen punten toegekend (en daardoor meer dan 99% van alle wijnen veroordeeld als minderwaardig)
  • waarde gehecht aan proefnotities die niemand begrijpt
  • het ervaren van een momentopname een vaste waarde gegeven en daarmee de seconden waarin we de mening over een wijn vormen, vastleggen als een eeuwig feit.

Lekker
Bovenstaande wordt helaas overtroffen door iets wat misschien wel nóg erger is. We mogen wijn niet ‘lekker‘ vinden. Tijdens wijnopleidingen wordt ons voorgelogen dat dit een woord is wat je nooit mag gebruiken, want dat is niet ‘professioneel’. Triest en onbegrijpelijk, want het enige wat een wijn hoeft te doen is lekker gevonden worden. Vind je een wijn niet lekker, brengt hij geen glimlach op je gezicht, dan is er iets mis. Iets mis met de wijn of met jou. Met dat laatste bedoel ik dan niet dat je niet mag zeggen dat het jouw type wijn niet is, maar dat je met al je kennis en ervaring stelt dat een ander er geen verstand van heeft en dit niet lekker mag vinden.
In dit kader meldde de Amerikaanse wine & food critic Eric Asimov twee jaar geleden al dat het slechtste wat een wijnschrijver kan doen is honderden wijnen proeven, ze dan rangschikken door er punten (of sterren) aan toe te kennen en daarmee vrijwel alle wijnen te diskwalificeren en de eigen voorkeur van de consument volledig te negeren. 

Wel
Wat moeten we naar mijn mening dan wel doen? Ach, als ik alle wijsheid in pacht had, dan was ik wereldberoemd, schathemeltje rijk en behangen met Nobelprijzen, talloze koninklijke onderscheidingen en de Golden Infantino Wine Saviour Award. Nee, ik heb niet de illusie dat ik alles weet of kan veranderen en wil zeker niet overkomen als een Don Quichote. Maar ik hecht er echter wel waarde aan om mensen uit te dagen eens anders naar wijn te kijken en ik zie steeds meer mensen die deze benadering waarderen en delen. Vorig jaar pleitte mijn Italiaanse collega Luciano Pignataro al om te stoppen met het opsommen van zinloze details over wijnen in artikelen, proefnoties etc. Hij heeft ervaren dat geneuzel over gisting op 22,3 graden of 22,2 graden geen millimeter toegevoegde waarde heeft voor een normale consument, dat het vermelden van het gebruik van Frans eiken net zoveel zegt als… ja, inderdaad: niks! De meeste wijnschrijvers zijn niet meer dan papegaaien die klakkeloos napraten wat een PR-bunny (m/v) heeft verkondigd. De vraag: “Waarom?” wordt zelden gesteld en daarmee verliezen hun schrijfsels elk nut of elke noodzaak. En laten we eerlijk zijn, betekent ‘leisteen’ nu echt dat de wijn daar lekkerder van wordt? Laten we gewoon ‘normaal’ doen over wijn en af en toe lekker van een glas wijn genieten zonder protserige proefnotities, ‘pointless points’ en andere onnozele onzin. 

Opleiden
Op WineParis eerder dIt jaar, pleitte Julien Camus (oprichter van de Wine Scholar Guild) voor een andere manier van opleiden. Wereldwijd zijn vrijwel alle opleidingen gericht op details en feiten over wetgeving, vinificatie, terroir en meer van dat soort zaken. Camus zet zich (net als ondergetekende) af tegen de illusie van objectiviteit, het najagen van legitimiteit via  science’ en wijnproeverijen die zich hebben ontwikkeld tot zielloze oefeningen in conformiteit. Hij stelt ook dat blindproeven is verheven tot een ultieme vaardigheid zonder relevantie in de echte wereld. Hij stelt dat het blind beoordelen van wijnen valse hiërarchieën creëert, nieuwkomers intimideert en van wijnproeven een wedstrijd is gemaakt in plaats van een gedeelde ervaring. Hij ervaart steeds meer dat leerlingen de druk voelen om te presteren (feiten op te dreunen) in plaats van te ontdekken. Ze moeten zich bewijzen en theorie beheersen in plaats van beleving te delen en zich te verwonderen over de magie van wijn. Hij stelt dat de meeste opleidingen de intieme ontmoeting die een levenslange liefdesrelatie met wijn zouden moeten ontluiken, deze juist systematisch uitdoven.

Serieus
Onderwijs richt zich naar mening van Camus (en mij) nog teveel op oude stereotypen en bereidt studenten voor op een wijnwereld die niet langer bestaat. Het gaat nog steeds over de 1855 Bordeaux classificatie, Grand Cru Bourgogne, Super Tuscans of cult Cabernets uit Napa, wijnen die de meeste mensen (inclusief de docenten zelf) nooit proeven. Leuke, lekkere, toegankelijke wijnen die leerlingen daadwerkelijk kunnen vinden, betalen en genieten worden als onvoldoende serieus beschouwd.

Camus formuleerde 5 pijnpunten die stellen dat de huidige wijneducatie:

  1.  Potentiële liefhebbers vervreemdt van wijn.
    Wijn wordt in isolatie onderwezen, losgekoppeld van de waarden die tegenwoordig belangrijk zijn: duurzaamheid, transparantie, inclusiviteit, emotionele resonantie en authenticiteit. Het laat wijn aanvoelen als een museumrelikwie en loopt daarmee niet in de pas met de hedendaagse realiteit.
  2. Er niet in slaagt om nieuwe doelgroepen te bereiken.
    Jonge consumenten vinden traditionele wijncultuur vaak intimiderend, elitair en star en kiezen daarom voor ambachtelijk bier, sterke dranken (cocktails) of geavanceerde alcoholvrije opties; categorieën die open aanvoelen en aanzetten om ze te verkennen. Hij stelt voor om in te spelen op de wens om meer diversiteit en het experimenteren met een meer informele relatie met wijn te stimuleren. Dit maakt wijn toegankelijker en biedt jongere drinkers een boeiender instappunt dat in het formele wijnonderwijs vaak ontbreekt.
  3. De emotionele verbinding met wijn ondermijnt en verkeerde wijnen promoot
    Onderwijs maakt van wijn iets om examens over te maken—niet om verliefd op te worden. Bovendien passen de commerciele wijnen die men gebruikt alleen in standaard sjablonen en wordt de unieke, authentieke expressies van een specifieke wijn over het hoofd gezien en voorkomen dat iemand een waardevolle binding met wijn aangaat.
  4. Geen aandacht heeft voor de praktijken van de wijnindustrie.
    Zonder transparantie over productiemethoden, manipulatie van de landbouw en andere keuzes t.a.v. het maken van wijn, verliest wijnonderwijs haar morele autoriteit terwijl deze juist het hardst nodig is. In een tijdperk van anti-alcoholverhalen, consumentenscepsis en milieubewustzijn spreekt deze stilte boekdelen.
  5. Het innovatie en inclusie ontmoedigt
    Door nieuwe stemmen en onorthodoxe stijlen te marginaliseren, handhaaft het hiërarchieën die zowel consumenten als producenten van elkaar en wijn vervreemden.

Genieten van leuk en lekker
De mening van Camus onderstreept wat ik al de nodige jaren roep. Laten we wijn weer leuk en lekker maken! Voor mij is het genieten van wijn geen exacte wetenschap, maar het ervaren van gevoel. Het gevoel dat je ontspant, je ontroert, je doet verlangen naar een hapje eten, een goed gesprek of je om andere redenen intrigeert en inspireert en je uiteindelijk vooral blij maakt. Laten we wijn benaderen om wat het is, een geweldig product dat (mits met mate genoten) bijdraagt aan een beter leven. Volgens mij komt het dan allemaal weer goed; misschien niet in de absurde hoeveelheden en vreemde hoedanigheid van de afgelopen decennia, maar als vaste waarde in het bestaan van ons allemaal.

Deel dit bericht:

Facebook
Twitter
LinkedIn