Fred Nijhuis

Your favorite Dutch wine writer

Gaja bij Silletti

In het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw (niet zo lang geleden als het klinkt), waren er in Nederland amper mensen die Italiaanse wijnen kenden, begrepen, dronken, kochten of verkochten. Het enige boek over Italiaanse wijnen uit die tijd (voor zover me bekend) is van Joost Reuten, iemand waar ik nog nooit van had gehoord en later overigens ook niks meer van of over heb vernomen. Het boek stamt uit 1980 en verhaalt over het Italië uit een vorige realiteit. Over Super Tuscans bijvoorbeeld geen woord, hoewel hij wel een profetische uitspraak van Marchese Niccolò Antinori (toen 79) citeert: “Zoals mijn grootvader wijn maakte, zo kan het nu niet meer”.
Barbaresco wordt wel genoemd, maar meer als een wijn die Barolo producten ook maken en verder dan een (min of meer) eervolle vermelding krijgen producenten als Angelo Gaja niet. Ook uitgebracht in 1980 is het boek ‘Tweehonderd jaar grote wijnen’ van Michael Broadbent, een fenomenaal naslagwerk met duizenden proefnotities over de meest geweldige wijnen uit allerlei delen van de wereld. Nou ja, bijna alle delen, want Italiaanse wijnen ontbreken volledig. Dit alles geeft aan welke positie Italië destijds innam; amper bekend, ook al was het meest producerende wijnland ter wereld.

Nicola Silletti
Maar er is altijd wel iemand die de uitzondering is die de regel bevestigd en in die tijd was er iemand die juist wel veel over Italiaanse wijnen wist, ze kocht en ook verkocht. Hij was toen misschien niet in heel Nederland bekend, maar wie in de buurt van Hedel (even ten noorden van ‘s Hertogenbosch) op zoek is naar Italiaanse producten, wordt al snel verwezen naar Nico(la) Silletti. Hij is het die talloze typische gastronomische producenten uit Italië importeert en ze verkoopt aan winkels en restaurants. Ook particuliere liefhebbers weten hem te vinden en al tientallen jaren is het dankzij hem op zaterdag een drukte van jewelste in Hedel. Naast pasta’s, sauzen, kazen, vleeswaren en honderden andere authentieke Italiaanse producten, handelt Silletti ook in wijn. Hij is de eerste in Nederland die beroemde wijnhuizen als Boscarelli, Castello di Monsanto en Braida vertegenwoordigt en voegt al snel de wijnen van Angelo Gaja aan zijn assortiment toe.

Langzaam maar zeker neemt Nico’s zoon Anton de werkzaamheden van zijn vader over, hoewel ‘papa’ nog altijd in de zaak te vinden is. Het familiebedrijf doet waar ze goed in is en blijft zich inzetten voor de handel in- en promotie van authentieke Italiaanse kwaliteitsproducten. In hun kelder ligt anno 2018 een indrukwekkende collectie oudere jaargangen wijn van befaamde producenten, opgebouwd en gekoesterd sinds ze in 1973 met hun handel begonnen. Een tijdje geleden komt Anton op een goed idee. Hij stelt voor om de wijnen open te maken tijdens een reeks bijzondere proeverijen. Deelname staat open voor iedereen en de symbolische bijdragen die de deelnemers betalen, zijn bestemd voor een goed doel, in dit geval een donatie aan het Longfonds.

Angelo Gaja
De eerste proeverij bestaat uit een serie legendarische wijnen, zeven jaargangen Sorì Tildin, één van de drie befaamde cru’s van Angelo Gaja. Deze wijn behoort tot de meest gezochte en hoogste gewaardeerde Piëmontese wijnen en er zeven van kunnen proeven is een genot en voorrecht, ook omdat ze zoveel geschiedenis vertegenwoordigen. Die geschiedenis gaat terug tot halverwege de 17e eeuw, wanneer de familie Gaja zich in Piëmonte vestigt. Het is Giovanni Gaja die er in 1859 voor het eerst wijn gaat maken, gevold door zijn zoon Angelo, diens zoon Giovanni en sinds 1961 de huidige eigenaar, Angelo. Formeel is Angelo nu gepensioneerd, maar hij is er nu eenmaal niet de persoon naar om rustig in een hoekje te gaan zitten. Waar nodig (of niet) ondersteunt hij zijn drie kinderen, Gaia, Rossana en Giovanni die de meeste van zijn taken hebben overgenomen, geholpen door zijn vrouw Lucia, die vaak de echte baas van het bedrijf genoemd wordt. Inmiddels heeft Rossana ook voor de 6e generatie gezorgd en Angelo Gaja een trotse opa gemaakt.

Zoals aangegeven, draaide de proeverij om zeven jaargangen Sorì Tildìn, die samen met de Costa Russi en Sorì San Lorenzo tot de drie (of vier als je de in 1978 met Cabernet aangeplante Darmagi meetelt) wijngaarden behoort die Giovanni Gaja in de jaren zestig van de vorige eeuw kocht. Angelo Gaja heeft een vooruitziende en commercieel verantwoorde blik op de wijnwereld en is (samen met Bruno Giacosa en de Produttori del Barbaresco) één van de eerste in de streek die wijnen van deze wijngaarden als ‘cru’ op de markt brengt. De Sorì San Lorenzo voor het eerst in 1967, de Sorì Tildìn in 1970 en de Costa Russi in 1978. Ook de prijsstelling is grensverleggend en ambitieus; de prijzen overtreffen die van elke andere wijn in Barbaresco en ook de meeste uit Barolo.

Sorì Tildìn
De wijngaard maakt (net als de Costa Russi) deel uit van de Roncagliette, een heuvel ten zuidoosten van Barbaresco. Dit deel van Barbaresco ligt vrij ver van de rivier de Tanaro en heeft een droger microklimaat dan de meeste andere wijngaarden. De Sorì Tildìn ligt op 260-300 meter op een zonovergoten heuvel, waar de wind voor de noodzakelijke koeling zorgt. De expositie is zuidelijk en de bodem bestaat uit compact zand met kalksteen en klei en heeft een rode gloed, wat de aanwezigheid van ijzer aangeeft. Hij bezit ook meer magnesium dan veel andere wijngaarden en alle elementen tezamen geven de wijnen een lichte zilte toets en een wat hogere gemiddelde zuurgraad. De plantdichtheid in de Sorì Tildìn bedraagt 6000 planten per hectare (Costa Russi amper 4200) en de rijen zijn er verticaal aangeplant. De naam dankt de wijngaard aan zijn ligging op de top van de heuvel (Sorì) en Tildìn, de bijnaam van Angelo’s grootmoeder Clotilde Rey.

Samenstelling en vinificatie
Formeel was de Sorì Tildìn altijd een 100% Nebbiolo conform de voorschriften van de DOC, maar in 1996 declasseerde Gaja de Costa Russi, Sorì Tildìn en Sorì San Lorenzo tot ‘Langhe DOC’ om er vanaf die tijd (!?) een deel (maximaal) 15%) Barbera in te kunnen verwerken. Met ingang van de jaargang 2013 zijn de drie echter weer een Barbaresco DOCG van 100% nebbiolo. Qua vinificatie geen hele bijzondere feiten; de gisting en weking geschiedt in RVS, de eerste week op maximaal 28°C en daarna nog twee weken op maximaal 18°C. Daarna volgt een lagering van 12 maanden in barriques en nog eens 12 maanden in grote houten vaten van Slavonisch eiken.

De proeverij
We begonnen met een verrassing, de 1979 Vignarey, Barbera d’Alba.
De wijn toonde zich (uiteraard) ontwikkeld, in zowel uiterlijk, geur als smaak, maar nog opvallend energiek. De baksteenrode kleur met een bruine gloed is edel en edele geur sluiten daarop aan, ik ruik wat adellijke tonen, gedroogd vruchten en bloemen en ook bresoala; in de mond is de wijn volledig uitgerijpt, maar met frisse zuren, voldoende structuur en na 40 jaar in nette conditie, hoewel hij bij wat langer openstaan redelijk snel terugvalt; geen enkel probleem.

Sorì Tildìn, 1989

Ook hier een mooie diepe kleur, veel baksteenrood met een weinig bruin; de neus is indrukwekkend, breed, gul, intens met de typische kenmerken van nebbiolo, teer, leder, rozen en fijne specerijen; het hout is versmolten met het fruit en geeft nog subtiele tonen van tabak dat mooi harmonieert met de impressies van rode vruchten; een grootse wijn met nog duidelijk potentieel

Sorì Tildìn, 1987
Jaar met een gemiddelde reputatie. De wijn presenteert zich veel verder ontwikkeld dan het verschil in jaren met de 1989 zou doen vermoeden; hij is helemaal uitontwikkeld; de geur is adellijk, afgehangen fazant, gedroogde bloemen en kruiden, wat laurier, kersenpit en salmiak; schoon en heel fris van smaak door hoge zuren en een slank postuur; edele eetwijn, mooi geouderd; nu drinken

Sorì Tildìn, 1986
Een op papier goed oogstjaar en de wijn is beslist correct, maar niet meer dan dat. Weinig expressief  in geur en smaak, slank met hoge zuren en wat strakker qua tannien en daarmee wat droger dan de 1987; in de neus vooral floraal (viooltjes), de smaak is eerder aards en metalig; mist misschien wat vulling en lengte, maar niet iets wat niet gecompenseerd kan worden door een fraai gerecht.

Sorì Tildìn, 1985
Zou een jaar moeten zijn met ongekend fraaie wijnen, maar deze imponeert niet echt; de kleur, geur en smaak zijn ver ontwikkeld, met tonen van paddenstoelen, kamfer, gedroogd bloed en gedroogde kruiden; in de mond nog wat fruit, goed zachte tannine, maar heel ver gerijpt en nu met oude zuren die overheersen; mist het fruit van de 1987 en zelfs de 1986; valt erg snel uiteen in het glas.

Sorì Tildìn, 1983
De kleur is roodbruin en oogst jeugdiger dan de vorige drie wijnen; ook de geur is fraai met impressies van paardenstal, wat kreupelhout en salie, cacao, gedroogde bloemen en rode vruchtjes; mooi gevuld in geur en smaak, want ook in de mond biedt de wijn veel; vullend, saprijk, veel smaak met een fijne balans en mooie zuren, elementen uit de geur komen terug in de smaak, heel evenwichtig en complex met een prima lengte, voller dan menig voorgaande wijn

Sorì Tildìn, 1982
Legendarisch jaar dus de verwachtingen zijn hoog gespannen. Bij hoge verwachtingen neemt de kans op grote teleurstellingen onevenredig hard toe, maar deze wijn doet wat hij moet doen: imponeren!

Geconcentreerd met mooi vullend rood fruit, typisch nebbiolo met rozen, viooltjes en een fijne kruidigheid, tijm, wat tabak, leder, zeer compleet met een rijke, volle aanzet, volop sap en fruit, neigt naar gekaramelliseerd, rijk aan aroma’s van  kersen en bessen met een mooie houtinbreng en wat cacao in de afdronk, prachtige tanninestructuur, breed en diep, complex en fijn zoals een grootse nebbiolo kan zijn. Fenomenale wijn.

Sorì Tildìn, 1978
Inmiddels bijna 40 jaar jaar oud en dat is in deze wijn te merken; in zowel kleur en geur als smaak is hij ver ontwikkeld met heel veel adellijke tonen, het fruit lijkt wat overrijp en ondanks de hoe zuurgraad komt de wijn vermoeid over; mist de inhoud, complexiteit en jeugd van de 1982. Blijft interessant en met een stukje kaas goed te genieten, maar is en wordt geen geweldige wijn.

Nog veel meer
Zoals eerder is aangegeven, ligt de kelder van Silletti nog vol oudere jaargangen bijzondere wijnen en maakt Anton er nog meer open voor liefhebbers en het goede doel.

Op 16 juni staat “Brunello geschiedenis bij Silletti” op het programma met o.a. de Lisini 1975 en 1983, Biondi Santi 1983, Cinelli Colombini Prime Donne 1997 en 1998 en hun Riserva’s uit 1996, 1998 en 2001. Daarnaast zal er vast wel iets anders gevonden worden om de gasten mee te verrassen.

Later dit jaar aandacht voor fraaie Toscaanse wijnen van o.a. Castello di Monsanto en Boscarelli en de wereldberoemde wijnen van Braida met de Bricco dell’Uccelone in een hoofdrol. 

Kosten voor deelname zijn € 100,00 per persoon.
Minimaal aantal deelnemers 15, maximaal 20.
Aanmelden kan via info@silletti.nl of onderstaand formulier.

Facebook
Google+
Twitter
LinkedIn
Pinterest