Fred Nijhuis

Your favorite Dutch wine writer

NCS werkt graag samen met:

Carmignano, Chianti, Vernaccia en meer…

Tijdens de Anteprime week in Toscane maakt de wereldpers kennis met de nieuwe wijnen uit de vele wijndistricten die de regio kent. Na mijn bevindingen over Benvenuto Brunello, nu aandacht voor andere Toscaanse wijnstreken.

Ik mag al heel wat jaren proeven in Toscane en ook deze editie van de Anteprime-week (9 dagen in totaal zelfs) mocht ik meemaken; leuk, leerzaam en in meerdere opzichten indrukwekkend. Er zijn in totaal bijvoorbeeld zeker 3000 wijnen te proeven en dat zijn er best veel. Het is dan ook noodzakelijk te selecteren en ook al ben ik minder kieskeurig dan redelijk wat van mijn collega’s, ook ik moest keuzes maken. Ik proefde zoveel mogelijk wijnen zonder eraan kapot te gaan en probeerde alle wijngebieden een eerlijke kans te geven zich van hun beste kant te laten zien.

Carmignano
De historische streek waar de sangiovese heerst, maar ook de cabernet al eeuwen deel uitmaakt van de wijn. Beroemd vanwege de fabelachtige wijnen van Tenuta Capezzana, waarvan ik een fraaie proeverij mocht meemaken in restaurant Cibreo in Florence. Buitengewoon fijn eten daar, zeker als je niet (over-)gevoelig bent voor minder populaire ingredienten als pens en lamshersenen. Van de oudere jaargangen Trefiano imponeerden zonder enige twijfel de 1985 en 1995; prachtige wijnen die kracht en elegantie schijnbaar moeiteloos combineren. De 2015 geeft aan minstens zolang mee te kunnen als zijn voorgangers, mits je de fles(sen) voor die tijd al niet gedronken hebt…

Andere fraaie wijnen uit deze streek:
– Podere Allocco, Carmignano, 2016
– Il Sassolo, Carmignano, 2016
– Tenuta Artimino, Poggilarca, Carmignano, 2016
– Tenuta Capezzana, Ghaie della Firba, Toscana IGT, 2015
– Fattoria Ambra, Montalbiolo, Carmignano Riserva, 2015
– Fattoria Ambra, Elzana, Carmignano Riserva, 2015
– Podere Allocco, Carmignano Riserva, 2015 

Chianti Rùfina
Het wordt nu toch echt tijd dat deze streek onder de eigen naam Rùfina doorgaat en de toevoeging Chianti loslaat. Het is en blijft een streek met een eigen identiteit en wijnen die vrijwel altijd met kop en schouders boven de rest uitsteekt. Krachtige wijnen een aangenaam vlezig karakter en met veel potentieel, zoals de wijnen van o.a. Selvapiana al decennia bewijzen.

Tot mijn favorieten behoren de wijnen van dit domein altijd, aangevuld met die van Marchesi Gondi, Villa Travignoli, Colognole en de Riserva van Marchesi Frescobaldi; de wijnen van deze producenten uit 2017 en de Riserva’s uit 2016 overtuigden .

Tijdens een verticale proeverij met 9 jaargangen Mazzaferrata van Marchesi Gondi  in hun momumentale Palazzo Gondi in het hart van Florence toonde onomstotelijk aan dat ook cabernet sauvignon hier prima gedijt.
Tot de fraaiste onder de wijnen behoorden de 2011, 2004 en  de 1998, met gepast respect voor de 1997 en 1992.

Chianti
De streek die door velen wordt verguisd om de vaak erg matige (tot slechte) kwaliteit en soms uitgebreid wordt geprezen vanwege de buitengewoon fraaie, betaalbare uitzonderingen die er ook te vinden zijn.

Mijn favorieten:
– Badia di Morrona, Chianti, 2018 (prijs-kwaliteit!)
– Tenute San Fabiano, Conti Borghini Baldovinetti de’ Bacci, 2018
– Badia di Morrona, Chianti Riserva, 2016
– Poggiotondo, Vigna del 1928, Chianti Riserva, 2016 

Chianti Colli Arentini
– Mannucci Droandi, 2018

Chianti Colli Fiorentini
– Fattoria di Fiano – Ugo Bing, Chianti Colli Fiorentini, 2017
– Tenuta Il Corno, Chianti Colli Fiorentini, 2017
– Torre a Cona, Chianti Colli Fiorentini, 2017
– Castelvecchio in San Casciano Val di Pesa, Chianti Colli Fiorentini Riserva, 2016
– Fattoria di Fiano – Ugo Bing, Chianti Colli Fiorentini Riserva, 2016
– Torre a Cona, Chianti Colli Fiorentini Riserva, 2016

Colline Lucchesi
Misschien niet de meest bekende streek, maar met wijnhuizen als Tenuta di Valgiano spelen ze wel degelijk een rol van betekenis. Ik proefde deze keer  niet veel wijnen uit het gebied, maar kan het nooit laten de Tenuta di Valgiano (2015) toch even te proeven. Dat bleek zoals gewoonlijk geen straf.

Morellino di Scansano

Een alles behalve complete beeld van hetgeen er te vinden is, want een fors aantal wijnhuizen ontbrak. Desalniettemin enkele erg prettige en mooie wijnen

Mijn persoonlijke favorieten:
– Fattoria Le Pupille, Riserva 2016
– Val delle Rose, Riserva, 2016

Andere prima wijnen:
– Bruni, 2018
– Fattoria Le Pupille, 2018
– Fattoria Mantelassi, 2018
– Fattoria San Felo, 2018
– Frescobaldi, 2018
– Poggio Brigante, 2018
– Tenuta Pietramora
– Val delle Rose, 2018
– Terenzi, Riserva, 2016

Valdarno di Sopra
Sinds Podere il Carnasciale er hun befaamde Caberlot maakt, staat de streek in de belangstelling van velen. Ik proefde hun Carnasciale 2016 en de Caberlot 2015 (uit magnum uiteraard, want ze maken geen ‘normale’ flessen). Breedgeschouderde wijnen met veel kracht, maar ook met de juiste finesse; erg fijn.  

Terre di Pisa
Het zojuist opgerichte consorzio (zie foto hierboven) is druk bezig om wereldwijde aandacht te krijgen voor een gebied waar al eeuwen wijn wordt gemaakt en waarvan de producten de rest van Europa veel eerder bereikten dan die uit bijvoorbeeld het Chianti Classico district, Montepulciano of Montalcino. De reden hiervoor had overigens eerder een logistieke oorzaak dan een puur kwalitatieve; de havens van Livorno en Pisa liggen er ‘om de hoek’; het Toscaanse binnenland was voor de 20e eeuw redelijk geisoleerd door een gebrek aan spoor- en andere wegen. De streek telt echter verschillende goede wijnhuizen als Tenuta di Ghizzano, Badia di Morrona en Fattoria di Fibbiano, terwijl bekende producenten uit andere streken, zoals la Spinetta (uit Piemonte) er inmiddels ook te vinden zijn. San Gervasio bevindt zich momenteel in een wat lastige positie, het is nog niet duidelijk wat de bank met het domein gaat doen na de recente ‘overname’. President van het consorzio, Nicola Cantoni, werkt graag en nauw samen met Ginevra Venerosi Pesciolini van Tenuta di Ghizzano die de nodige ervaring heeft opgedaan in de PR en marketing van haar eigen wijnen en die van de ‘Associazione Grandi Cru della Costa Toscana’. Ook Filippo Gaslini Alberto van Badia di Morrona speelt een belangrijke rol, want met een productie van een half miljoen flessen is hij een van de grootste producenten uit de regio. De komende maanden zullen plannen voor de nabije toekomst worden onthuld en kan de wijnwereld nader kennis maken met een streek met een geweldig potentieel.
Over de wijnen van Fattoria di Fibbinao schreef ik onlangs al het nodige, zie het artikel daarover.

Mijn persoonlijke favorieten:

  • Badia di Morrona, VignaAlta, Toscano Rosso, 2015

Andere prima wijnen:
– Castelvecchio, Qui e Ora, Terre di Pisa Sangiovese, 2015
– Le Palaie, Bulizio, Terre di Pisa Rosso, 2015
– Badia di Morrona, N’Antia, Toscana Rosso, 2015
– Giusti e Zanza, Dulcamara, Toscana Rosso, 2015
– Tenuta di Ghizzano, Nambrot, Costa Toscana Rosso, 2016

Vernaccia di San Gimignano
Nee, ik ga niet alleen naar San Gimignano om er onder de indruk te zijn van de de prachtige eeuwenoude torens en gebouwen,  de indrukwekkende vergezichten of de allerbeste ‘gelato’ ter wereld (die van Sergio Dondoli en dus absoluut  niet die van de zaak op de hoek van het pleintje). Ik ben er elk jaar ook om de Vernaccia di San Gimigano te proeven.
Ik geef toe, niet alle wijnen kunnen me bekoren, maar ze zomaar afkeuren zoals veel collega’s dat doen, daar begin ik niet aan, dat verdienen de wijnen namelijk niet. Dit jaar proefde ik de wijnen uit 2018, 2017 en 2016, waarvan alleen de laatste geen ‘lastige’ reputatie heeft. In 2018 leden de druiven onder extreme hitte en droogte en het korte groeiseizoen heeft ook korte wijnen opgeleverd. Ook in 2017 waren de omstandigheden niet ideaal voor witte wijnen en ook hier het nodige gemis aan spanning en fraicheur. Van de circa 70 wijnen die ik er proefde, bleek een goed aantal beslist de moeite waard. Persoonlijk heb ik niet zoveel met Vernaccia met een serieuze houtinvloed (de riserva’s van o.a. Panizzi, Mormoraia, Palagetto en Tollena) maar ik kan heerlijk genieten van de verteerbare annata’s van producenten als Montenidoli en Il Palagione). Het kenmerkende bittertje maakt ze heerlijk om in te zetten in de gastronomie.

Mijn persoonlijke favorieten
–
Il Palagione, Hydra, Vernaccia di San Gimignano, 2018
– Montenidoli, Fiore, Vernaccia di San Gimignano, 2016
– Montenidoli, Carato, Vernaccia di San Gimignano, 2015

Beslist de moeite waard:

Vernaccia di San Gimignano, 2018
– Castello Montauto
– Collina dei Venti
–  Fattorie Mellini, Le Grillaie
– Fornacelle
– Guicciardini Strozzi, Titolato Strozzi
– San Donato

Vernaccia di San Gimignano, 2017
– Capellasantandrea, Rialto
– Casa alle Vacche, I Macchioni

Vernaccia di San Gimignano Riserva, 2017
– Il Palagione, Ori

Vernaccia di San Gimignano, 2016
– Casale Falchini, Ab Vinea Doni
– Il Palagione, Lyra 

Vernaccia di San Gimignano Riserva, 2016
– Fontaleoni

Deel dit bericht:

Facebook
Twitter
LinkedIn

Benvenuto Brunello 2019

Mijn conclusie: 2014 is een geweldig jaar!

Impressies opgedaan tijdens Benvenuto Brunello, de jaarlijkse presentatie van de nieuwe oogstjaren aan de mondiale pers.

Ja, dat is het, tenminste voor Rosso di Montalcino, mits niet teveel geweld aangedaan qua vinificatie en om een andere reden die wel alles met Brunello te maken heeft. Voor de meeste Brunello di  Montalcino geldt dat ze erg dun en strak zijn en een beeld schetsen waarin regen en een erg koele zomer reflecteren. Tijdens Benvenuto Brunello proefde ik er bijna 100 en zelden toverden de wijnen een tevreden glimlach op het gezicht. Zo zuur als sommige wijnen keek ik na afloop niet, maar teleurstelling overheerste toch. De Rosso’s uit 2014 presenteerden zich (enkele jaren geleden) beter en boden meer drinkplezier. Het is geen wonder dat verschillende topproducenten 2014 hebben overgeslagen, onder hen Biondi-Santi, Gaja (Santa Restituta), Poggio Antico, Le Ragnaie, Giulio Salvioni, Cerbaiona, Casisano en Salicutti. Van diegenen die toch perse een Brunello 2014 op de markt wilden brengen, wist een zeer klein deel maar te overtuigen. Overtuigen met slanke, doordrinkbare wijnen voor de korte termijn wel te verstaan, want structuur en potentieel heb ik er niet in kunnen ontdekken. Wat ik wel zag en proefde, is dat het blenden van jaargangen (formeel toegestaan uiteraard) de laatste jaren duidelijk is toegenomen. Tussen de lichtgekleurde wijnen met een elegante, bruinrode gloed, zag ik verschillende wijnen met een opvallend jeugdig uiterlijk en een opmerkelijke geur van bijna primair fruit. Ze zien er leuk uit, maar in de mond vallen ze meestal tegen door een gebrek aan samenhang.

Herbezinning
Een matig jaar dus, maar misschien is dat wel goed, want de laatste jaren zijn Brunello’s op absurde wijze gepromoot door bepaalde wijnschrijvers. Het is tijd voor een pas op de plaats, qua punten en qua prijzen. Je kunt niet elk jaar nog meer punten geven of je wijnen almaar duurder maken zonder duidelijke reden. Ooit moet de realiteit onder ogen worden gezien. Er zijn prachtige Brunello’s, maar het merendeel is vaak niet meer dan correct. Ik vind het geven van punten aan wijnen sowieso vreemd, maar goed, als het moet, dan kun je er iets mee aangeven. Wie echter 90 punten (of meer)  geeft aan brunello’s uit 2014, die moet zich toch eens gaan afvragen waar hij of zij mee bezig is. Mijn persoonlijke favorieten zijn aangename, prettige wijnen met een goede balans en voldoende vulling, maar geen van allen wijnen waarin je zwaar moet investeren. Ze zijn prima drinkbaar en de komende paar jaar uitstekend in te zetten aan tafel in afwachting van het op dronk komen van andere, jonge Brunello’s, maar meer ook niet. Het is jammer dat de prijsstelling van de wijnen niet of nauwelijks is/wordt aangepast aan de beperkte kwaliteit, want de prijs-kwaliteit verhouding komt hierdoor wel ernstig onder druk te staan. 2014 is daarmee het oogstjaar voor een herbezinning, een nieuw ijkpunt voor realisme; wat dat betreft is 2014 ook voor Brunello dus juist een geweldig jaar.

 

Oud en nieuw
Heb ik aan Benvenuto Brunello 2019 dan alleen maar slechte herinneringen overgehouden? Nee, natuurlijk niet. In het gebied dat ik al zo lang ken en waar ik zoveel geweldige ervaringen heb opgedaan, proefde ik ook dit jaar weer verschillende erg fijne wijnen en sprak ik met inspirerende mensen. Onder de indruk was ik bijvoorbeeld van de visie en inzet van twee relatieve nieuwkomers. Ik maakte kennis met Sabine Eichbauer die (samen met haar man Felix) Salicutti in 2016 overnam van Francesco Leanza. De Eichbauers kenden Salicutti door hun restaurant Tantris in Munchen (**) en zagen de kans schoon om een soort droom te verwezenlijken. Sabine (van huis uit architect) nam de leiding van Salicutti over, de eerste jaren (en nu nog steeds) in nauwe samenwerking met Leanza. Een heus examen om je als wijnboer te kunnen laten registreren werd onlangs met succes afgerond en er wordt momenteel  hard gewerkt om een nieuwe productieruimte na vele jaren plannen en bouwen eindelijk in gebruik te kunnen nemen. Weinig goede woorden had ze over voor de collega die het gebouw heeft ontworpen en de bouw begeleidt: “Maar ja, wat wil je, hij komt uit Milaan….”. Ze koestert de visie van Leanza en werkt samen met hem aan het perfectioneren van de wijngaarden en de vinificatie, alles vanuit een biologisch/biodynamisch oogpunt en de focus op finesse en elegantie. Als de 2010 Riserva een voorproefje is van hetgeen de Eichbauers willen en kunnen, dan blijft Salicutti een van mijn favoriete wijnhuizen in Montalcino.

Alles nieuw
Een ander nieuw gezicht en ook iemand die de nodige ophef heeft gegeven in de streek is Matthew Fioretti. In 2015 verkochten Diego en Nora Molinari hun kleine domein Cerbaiona aan een groep investeerders onder leiding van Gary Rieschel met Matthew Fioretti en (later) Maurizio Bovini als partners.  Fioretti heeft de dagelijkse leiding en schokte de omgeving door  Cerbaiona volledig te restaureren en alles in de kelder te vervangen. Zo werd bijvoorbeeld gevreesd voor het verlies van als uniek beschouwde gistculturen in de kelder die de wijnen van Molinari hun eeuwige roem zouden hebben gegeven. Volgens Fioretti heeft zijn werk in de kelder echter vooral geresulteerd in een hygienisch verantwoorde productieruimte, het verbannen van brett, een goede drainage, betere vaten voor de gisting en lagering (10 tot 30 hl van Slavonisch eiken, gemaakt door Klaus Pauscha) en een veel betere opslag voor de flessen. De rest van het samengestelde gebouw (met o.a. een heuse kapel) wordt eveneens rigoreus onder handen genomen, net als de wijngaarden. Deze bleken in niet al te beste staat en de plannen die Molinari ermee had , werden nooit uitgevoerd. Daardoor ontbraken veel planten, was de plantdichtheid niet optimaal, net als het type wortelstok, enkele druivenrassen en de aangeplante sangiovese kloon. Van cabernet en merlot heeft Fioretti inmiddels afscheid genomen en de betreffende  wijngaarden zijn/worden herplant met sangiovese (kloon T29).  Uiteindelijk moet het wijngaardareaal groeien van circa 2 naar ongeveer 4 hectare, waarbij vooral de nieuwe klonen (het resultaat van de samenwerking tussen Paolo de Marchi van Isole e Olena en de Franse kweker Guillaume) en albarello als snoeimethode, de productie moet optimaliseren. Fioretti heeft een duidelijk beeld voor ogen voor Cerbaiona en weet zich op prettige wijze gesteund door de schier onuitputtelijke financiele middelen van Rieschel. Het zal nog even duren, maar over enkele jaren plukt Fioretti letterlijk de vruchten van alle investeringen in tijd en moeite en kunnen wij profiteren van wijnen die misschien wel nog mooier zijn dan enkele van de allermooiste Brunello’s die Molinari heeft gemaakt. De geproefde vatmonster geven aan dat dat geen utopie is. 

En de gevestigde orde?
Die is er nog altijd en weet ook/zelfs in 2014 te overtuigen. Geen van de wijnen opgevoed in barriques kon me overtuigen; mijn favorieten zijn klassiekers opgevoed in grote houten vaten, soms gebruik makend van moderne inzichten, zoals het zorgvuldig gebruik van micro-oxidatie bij Gianni Brunelli. Bij Biondi-Santi uiteraard ook geen barriques, maar wel het vervangen van de grootste en oudste vaten door kleinere, waardoor men meer mogelijkheden heeft om te selecteren en te blenden.
Uiteindelijk kwam ik tot een handvol wijnen die ik mijn persoonlijke favorieten mag noemen, aangevuld met enkele keurige wijnen die je niet hoeft te vermijden zoals de meeste uit 2014. Met betrekking tot de Riserva’s uit 2013 kan ik redelijk kort zijn: Mwah. Er waren een paar nette bij, maar slechts enkele hele mooie; de rest rammelde teveel naar mijn (weinig bescheiden) mening. Ik ben en blijf van fan van Poggio di Sotto en tijdens een bezoek bleek maar weer eens waarom. Wat een geweldige wijnen maakt Federico Staderini er! De Rosso 2016 is beter dan menig Brunello van anderen en de Riserva echt een grote wijn. Je moet wel geduld hebben, want de fles die een dag tevoren was geopend bleek de klasse pas echt te tonen. Vanaf nu krijgen de wijnen ook weer een extra jaar flesrijping op het domein; oprichter Piero Palmucci wist dat al, de nieuwe eigenaren nu ook…   

Col d’Orcia
Tot de gevestigde orde behoort uiteraard ook Col d’Orcia, het domein waarvan de geschiedenis bijna 150 jaar teruggaat. In 1958 erfde Stefano Franceschi de helft van de bezittingen en hij noemde zijn deel Col d’Orcia (de andere helft werd Il Poggione). Sinds 1973 is het eigendom van de familie Cinzano, momenteel onder leiding van Conte Alberto Marone Cinzano. Jaarlijks organiseert Col d’Orcia een buitengewoon aangename avond met fijne gerechten van gerenommeerde chefs en uiteraard diverse kelderschatten. Dit jaar stonden de jaren met een ‘9’ centraal, 2009, 1999, 1989, 1979 en 1969. Hoogtepunt van de avond was voor mij de 1989 die zich in al zijn schoonheid toonde.  Nog fraai was de 1979 en ‘interessant’ de 1969. De Poggio al Vento 1999 liet vooral zien dat deze cru veel  tijd nodig heeft om tot volledige wasdom te komen.

Soldera
De laatste dag van Benvenuto Brunello 2019 werd overschaduwd door het bericht dat Gianfanrco Soldera was overleden. De 82-jarige wijnmaker overleed naar verluid ‘ in het harnas’, aan een hartaanval na een ongeluk met zijn auto in de wijngaard. Soldera, de (soms) eenzame wolf, de man die door velen niet werd begrepen, vaak beschimpt en veelal gezien als een wereldvreemde excentriekeling. Wie echter naar hem luisterde en het respect opbracht om hem en zijn wijnen te leren begrijpen, die kwam er al snel achter dat Soldera altijd een mening had, maar nooit zomaar iets  zei of deed. Alles had een reden en een oorzaak, vaak gebaseerd op vergeten of minder populistische denkbeelden en historische feiten. Zijn visie was ook daarom minder extreem of uniek dan werd vermoed of verkondigd; zijn mening werd niet alleen gedreven door een ongetemde passie voor wijn, maar ook door een gegronde hekel aan amateurisme. Met wijnschrijvers had hij niks tot weinig, maar ik mocht er vaak zijn wijnen proeven en zelfs ongestraft mijn mening verkondigen. Zijn houding was vaak controversieel, maar dat had Montalcino soms hard nodig, zoals in de tijd dat het Consorzio richting een aanpassing van de regels ging en ‘vreemde’ druivenrassen dreigden te worden toegestaan in een Brunello. Samen met Franco Biondi-Santi en Piero Palmucci leidde hij de opstand tegen dit puur door commercie gedreven inititatief. Ze wonnen de strijd en redden de eigen identiteit van Brunello. Dat hij de laatste jaren geen Brunello meer maakt, doet eigenlijk niet ter zake. Dat was een politieke, emotionele, principiele en zelfs beleidsmatige beslissing. Zijn wijn was een pure, originele Brunello in hart en ziel, een wijn zoals maar weinigen kunnen maken en in meerder opzichten legendarisch te noemen is. We gaan hem missen, niet alleen zijn familie en vrienden, maar ook zijn vijanden, ook al realiseren ze zich dit misschien nog niet of willen ze dit alles behalve toegeven.

De wijnen van Benvenuto Brunello 2019

Brunello di Montalcino 2014; persoonlijke favorieten:

  • Baricci
  • Fuligni
  • Gianni Brunelli, Le Chiuse di Sotto
  • Poggio di Sotto

    Andere koopwaardige wijnen:

  • Agostini Pieri
  • Barbi
  • Caprili
  • Ciacci Piccolomini d’Aragona
  • Il Poggione (beetje geduld hebben)
  • San Polino
  • Val di Suga

Brunello Riserva 2013; persoonlijke favorieten:

  • Poggio di Sotto (heeft wel lucht nodig)
  • Spuntali, Val di Suga

    Andere koopwaardige wijnen:

  • Canalicchio di Sopra
  • Fanti
  • Gianni Bruneli
  • Il Poggione
  • Nastagio, Col d’Orcia
  • Ugolaia, Lisini (gun de wijn tijd/lucht)

Inmiddels (twee weken na Benvenuto Brunello) wat scores gezien van o.a. Monica L. , James S., Kerin O. en Paolo de C. De eerste scoort er lustig op los en heeft duidelijk heel andere flessen geproefd dan mijn proefmaatje Guus en ik; de nodige scores boven de 90, in mijn ogen absurd. En James S. heeft het volgens mij steeds lastiger om zijn gesponsorde fictie van de realiteit te onderscheiden. Van Kerin begrijp ik de selectie van haar favorite wijnen, maar scores van 95 punten zijn ridicuul. Paolo de C. van GR is wat rustiger in zijn commentaar en prijst de elegantie van 2014, waarbij elegant een mooi eufemisme is voor mager…
   

Deel dit bericht:

Facebook
Twitter
LinkedIn

Nebbiolo Prima 2019

Nebbiolo Prima 2019

Verslag van Nebbiolo Prima 2019, de presentatie van de nieuwe (en wat oudere) jaargangen Roero, Barbaresco en Barolo.
Eventuele vermelding van auteursrechten

Genoegen
Met veel genoegen nam ik een tweetal weken geleden deel aan Nebbiolo Prima 2019, de presentatie van de nieuwe jaargangen Roero, Barolo en Barbaresco, georganiseerd door Sopexa in opdracht van Albeisa, de belangenvereniging die de meeste wijnproducenten in de streek vertegenwoordigt, in samenwerking met het Consorzio Tutela Vini Barolo, Barbaresco, Alba, Langhe & Dogliani.

Dat genoegen was niet alleen gebaseerd op het feit dat het evenement een uitstekende gelegenheid is om kennis te maken met prachtige wijnen, maar ook omdat de organisatie enkele belangrijke en noodzakelijke veranderingen had doorgevoerd t.a.v. het programma. Minder interessante momenten werden vervangen door boeiende seminars en het aantal te proeven wijnen gereduceerd tot een acceptabel aantal. Gehandhaafd werd de proeverij met wijnen die inmiddels tien jaar oud zijn; over het algemeen even nuttig als aangenaam.

Wat mij betreft mogen de officiële diners nog worden afgeschaft, maar daarover verschillen de meningen nog. Een deel van de producenten acht dit onderdeel noodzakelijk om in contact te komen met de pers. Ook over de workshop “snoeien” had ik zo mijn bedenkingen, maar enkele collega’s bleken dit tijdverdrijf toch te waarderen.

Seminars
Voor de seminars had Albeisa een drietal professionals van naam ingezet, waarvan vooral de aanwezigheid van professor Anna Schneider me bijzonder aansprak. Ik leerde haar zo’n vijftien jaar geleden kennen in Sondrio, waar ze de resultaten van DNA-onderzoek uit 2004 naar o.a. de nebbiolo bekend maakte. Met haar team van de National Research Council of Italy, Institute for Sustainable Plant Protection en het Instituto di Virologia Vegetale in Turijn, bevestigde ze destijds o.a. de directe relatie van de nebbiolo (overeenkomst van 30 van de 32 indicatoren) met de negrera (uit Valtellina), freisa, nebbiolo rose, vespolina, bubbierasco (uit de Salluzzese in Z-W Piemonte), pignola, rossolino nero, neretto di San Giorgio, brugnola (in Emilia-Romagna fortana genoemd) en de rossala nera uit Lombardije. Datzelfde onderzoek duidde ook op een genetische link met o.a.de bressana, ortrugo en chasselas (allen wit) en de viognier (via de freisa). Ook werd er gesproken over een verwantschap van de nebbiolo met de gaglioppo uit Calabrië, waarmee een oorsprong van de nebbiolo in het zuiden van Italië werd vermoed.

Toen ik vorig jaar Michele Colombo, een agronoom in Alto Piemonte sprak, gaf deze aan dat er de laatste jaren nog veel meer onderzoek is gedaan naar de nebbiolo, vooral in het noorden van Piëmonte. In de 19e eeuw bedroeg het wijngaardareaal daar maar liefst 40.000 ha (net zoveel als nu in heel Piëmonte), waarvan er tot voor kort amper 1000 resteerden dankzij ecologische, economische en politieke rampen. Nieuwe interesse in de streek heeft de behoefte aan plantmateriaal aanzienlijk doen toenemen en voor nieuwe wijngaarden of herplanten werd meestal plantmateriaal uit de Langhe gebruikt. Opmerkelijk, want veel wijnboeren uit de Langhe prefereren plantmateriaal uit Alto Piemonte boven eigen planten. De beschikbaarheid van plantmateriaal in het noorden was veelal beperkt, want het wijngaardareaal was er ernstig beperkt en bovendien was het vaak onduidelijk wat er nu nog precies resteerde aan druivenrassen, klonen etc. Ook de kwaliteit stond regelmatig ter discussie.

De behoefte aan ander, beter en vooral eigen plantmateriaal is groot, want Alto Piemonte heeft nu eenmaal een heel andere bodem en een ander klimaat dan de Langhe en dat vergt andere klonen. Professor Franco Mannini van CNR Turijn registreerde in 2001 al drie varianten van de picotendro (de 308, 415 en 323) met als bijzondere kenmerken een diepere kleur en een hoger aandeel zuren. Later werden nog eens 300 stekken geselecteerd, vermeerderd en aangeplant en na een analyse van deze varianten werden er in 2016 nog eens 3 daarvan geregistreerd, de B15, C10 en F4.

DNA
Professor Schneider ging niet echt in op deze ontwikkelingen, maar schetste wel een beeld van de resultaten van een recent onderzoek waarover echter nog formeel gepubliceerd moet worden.  Zo verhaalde ze over de geschiedenis van de nebbiolo, waarschijnlijk voor het eerste genoemd in een document uit 1266 dat de ‘nibiol’ vermeld en verwijst naar de aanwezigheid van deze druif in de gemeente Rivoli, even ten westen van Turijn. Piero de Crescentii noemt de ‘nubiolum’ in zijn Opus ruralium Commodorum uit 1304 en beschrijft dat de druif slecht is om te eten, maar in de regio Asti langlevende wijnen geeft. Omdat de nebbiolo één van de eerste druiven die genoemd wordt in oude geschriften, mag worden aangenomen dat het inderdaad een historische druif is waarvan de waarde al eeuwen vaststaat en de aanwezigheid verder teruggaat dan is vastgelegd. Die aanwezigheid is overigens honderden jaren beperkt tot het noordwesten van Italië, er zijn vooralsnog geen verwijzingen gevonden naar het gebruik in andere delen van Italië. Wel zijn er talloze aliassen en namen die op ‘nebbiolo’ lijken, maar vaak betreft dit druiven zonder link met de originele nebbiolo; voorbeelden zijn o.a. de nebbiolo di dronero (= neiret of chatus), nebbilo di aisone. nebbiolo di stroppo, nebbiolo gabarin en nebbiolo scalatin. De croatina in Alto Piemonte wordt ook vaak nebbiolo genoemd, net als de dolcetto op Sardinië. Heerlijk verwarrend allemaal.

Synoniemen en biotypen
De ‘echte’ nebbiolo kent overigens wel verschillende synoniemen zoals de picoltener (Valle d’Aosta), prunent (Ossola vallei), spanna (Alto Piemonte), chiavennasca (Valtellina), melasca (voorheen in regio Biella) of de martesana (in regio Brianza), deze steeds vaker erkend en onderscheiden als regionale biotypen met de pignolo (Barbaresco) of de pungnet (Carema) als mogelijke klonen. Als traditionele sub-variëteiten zijn de michet, lampia, bolla en rosé (naast de rossi) wellicht bekender, maar vaak wordt hun oorsprong of relatie ten onrechte gelijk gesteld. Schneider benadrukt nog maar eens dat varianten (of verwanten) van de nebbiolo andere oorzaken kunnen hebben. Zo kan er sprake zijn van spontane of juist bewuste kruisingen en (somatische) mutaties, waarbij de mens zijn invloed kan uitoefenen door trossen met bijvoorbeeld een meer grijze, roze of zelfs witte kleur te selecteren en te vermeerderen. Door somatische mutaties zijn o.a. vairanten van de chasselas en muskaat ontstaan, waarbij de kleur varieert van wit tot donkerblauw. De mens kan uiteraard ook bewust kruisen, varianten verdelen door zaadselectie of enten etc. Van de nebbiolo zijn de laatste jaren 46 verschillen klonen met specifieke eigenschappen gecertificeerd en het einde is nog niet in zicht. Van de rose staat inmiddels vast dat het geen 100% nebbiolo is, zoals binnenkort ook bekend wordt gemaakt dat de nebbiolo van het Mexicaanse wijnhuis L.A. Cetto helemaal geen nebbiolo is. Niet onbelangrijk, want deze ‘nebbiolo’ maakte twee jaar geleden deel uit van de selectie wijnen van het WK Blindproeven…. Schneider weet welke druif het wel is, maar kon/wilde dat nog niet vertellen.

Edmondo Bonelli
Andere aspecten die tijdens haar presentatie aan de orde kwamen betroffen de geografische verspreiding van de diverse biotypen, waarbij hun voorkeur voor een specifieke terroir uiteraard een rol speelt. Onder deel van terroir is natuurlijk de bodem en daar gaf dr Edmondo Bonelli een toelichting op. Hij gaf aan dat de nebbiolo gevoelig is voor zijn omgeving, zoals ook van de pinot noir bekend is. Zijn onderzoek naar de relatie tussen bodemtype en de wijn startte zo’n 12 jaar geleden en duurt nog altijd voort, ook omdat de geologische samenstelling van Piemonte zeer divers is. Desalniettemin zijn er naar zijn mening 2 hoofdsoorten te onderscheiden: enerzijds bodems gebaseerd op kalk, anderzijds die vooral uit mergel met zand bestaan. Wat ze gemeen hebben is een veelal dunne toplaag en een gelaagde onderlaag met een mariene oorsprong. Heel Piemonte was ooit een oerzee die in delen wegvloeide, weer opkwam om vervolgens voor goed te verdwijnen. De oudste delen worden gevormd door de Lequio formatie, afkomstig uit het geologische tijdperk Serravallien, en zijn zo’n 12 miljoen jaar oud. De zee was toen diep en er heersten tropische temperaturen die uiteindelijk in een bodem met mergel (samengeperst silt en klei) en zand hebben geresulteerd, waarbij het aandeel zand aan de rand van de oude zee hoger is. Dit bodemtype is in ca 15% van het Barolo district te vinden en bepaalt 30% van de bodem in Barbaresco.

Tijdens het Tortoon (zo’n 10 miljoen jaar geleden) was de zee minder diep en werd de Sant’Agata Fossili gevormd, lagen samengeperste modder (mergel), vrijwel zonder zand omdat hij zich verder van de kust ontwikkelde. Dit type bodem treffen we vooral aan in Barolo (60%) en Barbaresco (70%) en in mindere mate in de Roero (5%). Een breuk in de bodem zorgde dat een deel van het vasteland in zee schoof en daar het Diano zandsteen vormde zoals we nu in o.a. Monforte en Diano d’Alba, Castiglione Falletto en Barolo tegenkomen. Ongeveer 6 miljoen jaar geleden droogde de zee op en vormde een bodem die rijk is aan gypsum/gips (calciumsulfaat). Grote kristallen en mergel die deze bodem typeren vinden we o.a. ten westen van la Morra en rond Verduno (en 15% in Barolo district en 5% in Roero). Tijdens het Plioceen (5,3 miljoen jaar geleden)  keerde de zee weer terug in de regio om dan een nieuwe formatie te laten ontstaan met veel blauwe klei (en mergel) zoals we veel (40%) in Roero zien. Als de zee zo’n 3 miljoen jaar geleden inkrimpt, ontstaan ondiepe lagunes, voornamelijk gevuld met zand. Deze formatie staat bekend als Asti zandsteen en bestaat uit heel fijn zand, dat amper water vasthoudt. Ongeveer 35% van de bodem in Roero heeft deze samenstelling. De heuvels van Allessandria hebben geen mariene oorsprong en bevatten dan ook veel minder kalk waardoor de wijnen nogal eens worstelen met hun balans. In Alto Piemonte en de Valle d’Aosta is vrijwel geen zandsteen en ook weinig kalk, maar geeft de deels zanderige bodem  toch belangrijke wijnen, o.a. dankzij een lage pH. In Alto Piemonte is de pH doorgaans 5-7, in de Langhe 7,5-8,5. Daarnaast hebben elementen in de bodem een andere oorsprong: in Alto Piemonte uit de Alpen, in de Langhe veelal uit de Apennijnen. Daardoor bezit de bodem in Alto Piemonte bijvoorbeeld meer potassium en de Langhe juist meer magnesium. De verschillen in de bodems in Piemonte komen goed tot uitdrukking in de geologische kaarten die Alessandro Masnaghetti in samenwerking met Bonelli heeft kunnen maken. Wie geïnteresseerd is in dergelijke kaarten kan een mail sturen aan fred@fred-nijhuis.nl; ik heb er regelmatig een aantal op voorraad.

Effect
Wat het effect van al die bodemtypen op de uiteindelijke wijn is, blijft een lastig onderwerp geeft Bonelli toe. Inmiddels staat wel vast dat het directe effect anders is dan vaak wordt verkondigd. De invloed van de bodem heeft vooral betrekking op de waterhuishouding, de pH, micro-organismen en reactie tijdens de gisting. De bodem bestaat voor een deel uit mineralen, maar deze hebben primair invloed op de stofwisseling van de plant en niet op de aroma’s in de wijn. Dat geldt o.a. voor stikstof, fosfor, potassium/kalium, calcium carbonaat, zwavel en magnesium.

Lucht versus bodem
Druiven ontstaan door combinatie zon, lucht en water, waarbij koolstof, waterstof en zuurstof door de plant uit de lucht worden opgenomen en niet uit bodem. Planten gebruiken zonlicht om Co2 uit lucht en water uit bodem om diverse koolhydraten te maken. Voornoemde mineralen zijn o.a. van invloed op de groei van het wortelstelsel, de fotosynthese en de rijping van fruit. Potassium/kalium geeft bijvoorbeeld meer zuren in de wijn, calcium carbonaat meer aroma’s en magnesium zorgt o.a. dat kleimineralen meer water vasthouden.

pH
De pH van de bodem beïnvloedt de vorm van de voedingsstoffen, de beschikbaarheid ervan en de biologische processen in de plant. Zo remt een lage pH de opname van voedingsstoffen. Ook de CEC (Cation Exchange Capacity) waarde is van belang; want deze geeft aan in hoeverre de bodem positief geladen ionen kan uitwisselen met de bodemoplossing. Zo hebben kleimineralen en organische stoffen een negatief geladen oppervlak dat positief geladen ionen van bijvoorbeeld calcium, magnesium, kalium, natrium, waterstof en aluminium aantrekt. Een bodem met een hoge CEC kan meer kationen aantrekken en heeft zo een potentieel hogere vruchtbaarheid.

Neerslag
In de loop van de tijd heeft Bonelli 20 bodemsoorten verzameld en gebruikt om hun effect op de groei van de nebbiolo aan te tonen. Gebleken is dat elke bodem anders reageert, waarbij neerslag een cruciale rol speelt. In regenachtig jaren is het effect anders dan in droge jaren, iets wat alleen duidelijk wordt als er niet wordt geïrrigeerd. Irrigatie decimeert de invloed van terroir, aldus Bonelli (en met hem vele anderen). Als er niet wordt geïrrigeerd, wordt duidelijk wat het effect is van de bodemsamenstelling op de waterhuishouding. Zanderige bodems zijn veelal in juli al droog, terwijl kleibodems water vasthouden tot in september, tot wel 7 weken langer. Teveel water remt overigens de ontwikkeling  van de druiven dus een juiste balans is van groot belang. Experimenten van Bonelli geven duidelijk aan dat planten op klei veel meer groei laten zien dan die op zand, ook gebaseerd op het effect van de CEC-waarde. In droge jaren geven zandbodems voornamelijk wijnen met een lichte kleur en structuur, terwijl regenachtige jaren de wijnen van kleibodems juist een disbalans geven in de ontwikkeling van de druif en dan vooral tannine en aroma’s. Dat het klimaat verandert is duidelijk, maar vooralsnog geeft dit geen grote problemen. Je kunt zelfs zeggen dat het een positief effect heeft. Jaren zonder voldoende rijping komen nog amper voor en er is nog genoeg ruimte aanwezig om excessen op te vangen met een aanpassing van het onderhoud van de wijngaard, het bewerken van de bodem etc. zoals in zeer droge jaren als 2017, 2013 en 2011 is aangetoond.

Data
Uiteraard tijdens de diverse presentaties ook aandacht voor de actuele stand van zaken qua productie etc. Zo werd aangegeven dat de 2073 geregistreerde hectare aan wijngaarden in de DOCG Barolo 14.096.000 flessen hebben opgeleverd in 2015, tegen 4.804.880 flessen in 2016 in Barbaresco (van 734 ha). De productie in beide (en andere) DOCG’s is de laatste jaren redelijk stabiel; eigenlijk lijdt alleen de dolcetto (en de DOCG Dogliani) onder een daling in populariteit (en productie). Hierover in het interview met Matteo Ascheri meer.

President Ascheri
Nebbiolo Prima is zoals eerder aangegeven, een initiatief van Albeisa, in samenwerking met het Consorzio Tutela Vini Barolo, Barbaresco, Alba, Langhe & Dogliani. President van dit Consorizio is Matteo Ascheri (eigenaar van het gelijknamige wijnhuis in Bra) en ik legde hem enkele vragen voor naar aanlelding van de diverse presentaties.

FN: Uit de cijfers van Albeisa blijkt o.a. dat veel wijnen na de oogst wel als MGA worden gedeclareerd, maar uiteindelijk niet als MGA worden gebotteld. Het verschil is circa 50%. Wat is daar de reden van?
MA:  Ja, dat is een soort paradox. Een deel van de wijnen wordt wel gedeclareerd, maar van de 14 miljoen flessen, wordt een groot deel verkocht aan bottelaars, waardoor circa 5 miljoen flessen in een discountkanaal terecht komen waar geen behoefte is aan MGA’s.
We proberen het aandeel MGA’s te vergoten en ook de kwaliteit te stimuleren, o.a. door de opbrengst per ha omlaag te brengen wat het minder aantrekkelijk maakt om de wijn in bulk te verkopen. Je kunt dat beter de wijn zelf bottelen (als MGA) dan verkopen in bulk.

FN: Wat is de positie van de Roero in het Consorzio? De streek wordt niet genoemd in de naam van het Consorzio.
MA: Ze horen er beslist bij, maar Roero heeft (net als Alto Piemonte) een sterke eigen identiteit en presenteert zich meer tijdens eigen evenementen.

FN: Wat is er aan de hand met de dolcetto en Dogliani? De cijfers laten een substantiële terugval zien in productie.
MA: Voor veel Barolo producenten is de dolcetto een bijproduct. Alleen in Dogliani is de druif het belangrijkst. Commercieel blijkt dolcetto een lastig product. We hebben ook moeten constateren dat de nieuwe stijl met veel extractie en nieuw hout geen succes was. De dolcetto is daar misschien niet de beste druif voor. Producenten van dolcetto zoeken naar een nieuwe positie, en sommigen geloven zelfs niet meer in de eigen druif. Ze kiezen voor Langhe nebbiolo en mousserend i.p.v. dolcetto en rooien hun dolcetto wijngaarden of enten ze met nebbiolo, ook omdat de nebbiolo makkelijker is in de wijngaard. Om deze reden is de productie de laatste tijd met zo’n 25% afgenomen en het einde lijkt nog niet in zicht, hoe jammer dit ook is.

FN: Wat doet de klimaatverandering met keuzes t.a.v. druivenrassen en -klonen?
MA: Voor ons is de klimaatverandering eerder positief dan negatief. We hebben minder slechte jaren, en genoeg suiker en alcohol. Zo’n 30 jaar geleden was chaptaliseren etc. noodzakelijk, nu niet meer. In de Roero is de situatie wat lastiger, omdat de bodem daar minder water vasthoudt. Irrigatie is optie, we hebben genoeg water beschikbaar uit rivieren en de Alpen. Het werken met nieuwe klonen is belangrijk, maar belangrijker zijn de juiste wortelstokken. Op dat vlak werken we nauw samen met Franco Mannini van de universiteit van Turijn.
We kijken overigens niet alleen voor een beter leefklimaat voor de plant, maar ook voor de mens in de wijngaard. Zo is er veel meer aandacht voor de gezondheid van onze medewerkers en wordt ook om deze reden het gebruik van chemicaliën steeds verder teruggedrongen. Ook nemen we werknemers in vaste dienst en niet alleen maar tijdens oogst etc. Immigranten uit Albanië en Roemenië geven we een vast contract en we zorgen dat hun familie naar Piemonte kan komen. Dat geeft iedereen stabiliteit, trouw en uiteindelijk meer kwaliteit. De kosten zijn hoog, maar het levert uiteindelijk meer (kwaliteit) op.

FN: Hoe stimuleert het Consorzio duurzaamheid?
MA: De aandacht voor medewerkers is al belangrijk, maar we kijken ook verder. Momenteel kijken we naar mogelijkheden om de logistiek te stroomlijnen. Gezamenlijke opslag en distributie kan kosten aanzienlijk verlagen en bijdragen aan duurzame logistieke oplossingen, ook door bijvoorbeeld gebruik te maken van ‘groene’ auto’s.  

FN: Wat is de positie van de michet als ‘zieke’ nebbiolo?
MA: Ja, het is een zieke plant, maar hij geeft op ‘natuurlijke’ wijze een lagere opbrengst en de kwaliteit van het fruit staat niet ter discussie. Een virus blijft een virus, maar we zien het niet als een groot probleem.

FN: Wat is de stand van zaken m.b.t. de erkenning van de rosé voor gebruik in Barolo, Barbaresco etc.
MA: We weten inmiddels dat de rosé geen 100% nebbiolo is, maar zijn aandeel in de wijngaarden is nog geen 5%  en hij is vrijwel gelijk aan de nebbiolo. Vooralsnog is het geen probleem, geen punt van discussie. We zijn wel blij dat we nu weten hoe of wat en accepteren die kleine afwijking. Er zijn geen kwekers die rose leveren dus het ‘probleem’ lost zich vanzelf op.

FN: Als we kijken naar een MGA als Bussia, is deze dan niet erg groot met veel verschillende subzones?
MA: Ja, dat klopt. De langdurige discussies over het gebruik van MGA’s werd destijds onder druk gezet door de wijziging in bevoegdheden t.a.v. de wetgeving. De beslissingsbevoegdheid ging naar Brussel en voor dit een feit was werd op lokaal of regionaal niveau nog veel geïnitieerd om het binnen Italië te houden. Gemeenten moesten snel handelen en hadden geen tijd meer om een andere verdeling te maken.

FN: Wat is de toekomst van de DOC Alba? Hij was met 2 ha al niet groot, maar nu resteert er nog maar 1 ha.
MA: In principe was de invoering van de DOC Alba een politieke om Alba als stad zijn eigen DOC te geven. Er was geen historische wijn of iets dergelijks en ook nu is er eigenlijk geen behoefte aan of ruimte voor. Maar het afschaffen is een bureaucratische procedure waar niemand op zit te wachten. Het is geen echt probleem, dus…

FN: Wat zie je aan ontwikkelingen?
MA: De DOC Langhe Nebbiolo is dankzij Gaja bekend geworden (Gaja declasseerde zijn befaamde Barbaresco cru’s tot Langhe Nebbiolo vanwege het gebruik van een deel barbera in de wijnen) en we zien dat de markt goed reageert op de naam. De Langhe is bekend en met de toevoeging van de druif is het duidelijk wat voor wijn het is en waar hij vandaan komt. De naam ‘bekt’ lekker, de wijnen zijn doordrinkbaar en bovendien heel betaalbaar. Ik denk dat veel kleine DOC zullen verdwijnen en dat de DOC Langhe een nieuwe kracht wordt in de regio.

FN: Iconen van de oude generatie zijn ons ontvallen de laatste tijd. Hoe staat het met de nieuwe generatie?
MA: Ik denk dat het belangrijk is dat we praten over bedrijven en niet over personen. Een bedrijf zou niet afhankelijk moeten zijn van 1 persoon. Feit is dat enkele iconen een enorme invloed hebben gehad op de ontwikkeling van de wijnbouw in de streek. De nieuwste generatie moet zich nog bewijzen, maar er is veel talent aanwezig, ook bij de historische wijnhuizen. We hebben, zoals dat heet, één voet in het verleden, maar onze blik op de toekomst gericht. We moeten begrijpen wat onze positie is en onze verantwoordelijkheid jegens de toekomst. De situatie rond de prijzen voor wijngaarden is ongekend (onlangs werd een bod van 3,7 miljoen euro voor een perceel van 1,3 ha afgewezen) en in zekere zin zorgwekkend, maar biedt ook nieuwe kansen. We zullen zien hoe zich dat gaat ontwikkelen.

En de wijnen dit jaar?

Ik proefde er genoeg en maakte de volgende selectie, waarbij ik een ieder een eindeloze reeks proefnotities zal besparen.

Mijn persoonlijke favorieten:

Roero:
– Matteo Correggia, Ròchè D’Ampsej, Roero Riserva DOCG, 2015
– Generaj, Bric Aut, Roero DOCG, 2006

Barbaresco:
– Albino Rocca, Ronchi, Barbaresco DOCG, 2016
– Tenute Cisa Asinari dei Marchesi di Gresy, Camp Gros Martinenga, Barbaresco Riserva DOCG 2014
– Albino Rocca, Vigneto Brich Ronchi, Barbaresco DOCG, 2006
– Punset, Barbaresco Riserva DOCG, 2004

Barolo:
– Francesco Rinaldi & Figli, Brunate, Barolo DOCG, 2015
– Fratelli Serio & Battista Borgogno, Cannubi, Barolo DOCG, 2015
– Brezza Giacomo e Figli, Sarmassa Vigna Bricco, Barolo Riserva DOCG, 2013
– Fenocchio Giacomo, Bussia 90 Dì, Barolo Riserva DOCG, 2013
– Brezza Giacomo, Sarmassa, Barolo DOCG, 2005     
– Cavallotto, Vigna San Giuseppe, Barolo Riserva DOCG, 2003

Eveneens zeer goed:

Roero:
– Monchiero Carbone, Srü, Roero DOCG, 2016
– Negro Angelo & Figli, Sudisfa’, Roero Riserva DOCG 2015
– Malvirà, Vigna Trinità, Roero Riserva DOCG 2015
– Ponchione, Monfrini, Roero DOCG, 2006
– Malvirà, Trinità, Roero Riserva DOCG, 2005 (magnum)

Barbaresco:
– Alessandro Rivetto, Barbaresco DOCG, 2016
– Moccagatta, Bric Balin, Barbaresco DOCG, 2016
– Musso di Musso Valter, Pora, Barbaresco DOCG, 2016
– Adriano Marco e Vittorio, Basarin, Barbaresco DOCG, 2016
– Albino Rocca, Cottà, Barbaresco DOCG, 2016
– Antichi Poderi dei Gallina di Francone Marco, Gallina, Barbaresco DOCG, 2016
– Orlando Abrigo, Meruzzano, Barbaresco DOCG, 2016
– Pertinace, Nervo, Barbaresco DOCG, 2016

– Produttori del Barbaresco, Pora, Barbaresco Riserva DOCG, 2014
– Produttori del Barbaresco, Rabajà, Barbaresco Riserva DOCG, 2014
– Cortese Giuseppe, Rabajà, Barbaresco DOCG, 2006
– Tenute Cisa Asinari dei Marchesi di Gresì, Gaiun Martinenga, Barbaresco DOCG, 2006
– Rizzi, Boito, Barbaresco DOCG, 2006

Barolo:
–
Abbona Marziano, Pressenda, Barolo DOCG, 2015
– Aurelio Settimo, Rocche Dell’Annunziata, Barolo DOCG, 2015
– Barale Fratelli, Catsellero, Barolo DOCG, 2015
– Benevelli Piero di Benevelli Massimo, Ravera di Monforte, Barolo DOCG 2015
– Brezza Giacomo e Figli, Sarmassa, Barolo DOCG, 2015
– Carlo Revello e Figli, R.G., Barolo DOCG 2015
– Cascina Ballarin, Bricco Rocca, Barolo DOCG, 2015
– Cascina Ballarin, Bussia, Barolo DOCG, 2015
– Cavallotto Tenuta Bricco Boschis, Bricco Boschis, Barolo DOCG 2015
– Cordero di Montezemolo, Monfalletto, Barolo DOCG, 2015
– Crissante Alessandria, Galina, Barolo DOCG, 2015
– Elvio Cogno, Cascian Nuova, Barolo DOCG, 2015
– Fenocchio Giacomo, Bussia, Barolo DOCG, 2015
– Figli Luigi Oddero, Barolo DOCG, 2015
– Francesco Rinaldi & Figli, Bussia, Barolo DOCG, 2015
– G.D. Vajra, Bricco delle Viole, Barolo DOCG, 2015
– G.D. Vajra, Buadana, Barolo DOCG, 2015
– Marengo Mario, Bricco delle Viole, Barolo DOCG, 2015
– Marengo Mario, Brunate, Barolo DOCG, 2015
– Pio Cesare, Barolo DOCG, 2015
– Poderi Luigi Einaudi, Cannubi, Barolo DOCG, 2015
– Roccheviberti, Bricco Boschis, Barolo DOCG, 2015
– Roccheviberti, Tocche di Castiglione, Barolo DOCG, 2015
– Vietti, Ravera, Barolo DOCG, 2015
– Vietti. Lazzarito, Barolo DOCG, 2015

– Conterno Franco, Bussia, Barolo Riserva DOCG, 2013
– Fontana Livia, Bussia, Barolo Riserva DOCG, 2013
– Germano Ettore di Germano Sergio, Lazzarito, Barolo Riserva DOCG, 2013
– Tenuta Carretta, Cannubi Collezione Rag.
– Franco Miroglio, Barolo Riserva DOCG, 2013

– Grimaldi Bruna, Vigna Regnola Badarina, Barolo DOCG, 2005
– Poderi Oddero, Bussia Soprana Vigna Mondoca, Barolo DOCG, 2005 (magnum)


Andere zeer aanbevelingswaardige wijnen:

Roero:
–
Careglio Pierangelo, Baldisero, Roero DOCG, 2016
– Ponchione Maurizio, Monfrini, Roero DOCG, 2016
– Cascina Ca’ Rossa di Ferrio Angelo, Valmaggiore, Roero DOCG 2016

– Malabaila di Canale, Castelletto, Roero Riserva DOCG, 2015
– Giacomo Vico, Giacomo, Roero Riserva DOCG, 2015
– Pelassa, Antaniolo, Roero Riserva DOCG, 2015
– Deltetto 1953, Braja, Roero Riserva DOCG, 2015
– Demarie, Roero Riserva DOCG, 2015

Barbaresco:
–
Adriano Marco e Vittorio, Sanadaive, Barbaresco DOCG, 2016
– Cascina Luisin, Asili, Barbaresco DOCG, 2016
– Cascina Luisin, Rabajà, Barbaresco DOCG, 2016
– Cortese Giuseppe, Rabajà, Barbaresco DOCG, 2016
Masseria di Delmonte Pierina, Barbaresco DOCG, 2016
– Poderi Colla, Roncaglie, Barbaresco DOCG, 2016
– Prinsi, Gallina, Barbaresco DOCG, 2016
– Rattalino Massimo, Quarantadue/42, Barbaresco DOCG, 2016
– Rivetti Massimo, Froi, Barbaresco DOCG, 2016
– Socré, Barbaresco DOCG, 2016

Barolo:
– Alario Claudio, Sorana, Barolo DOCG, 2015
– Amalia Cascina in Langa, Bussia, Barolo DOCG, 2015
– Ascheri, Barolo DOCG, 2015
– Ascheri, Sorana, Barolo DOCG, 2015
– Bava, Scarrone, Barolo DOCG, 2015
– Cascina Adelaide, Cannubi, Barolo DOCG, 2015
– Comm. G.B. Burlotto, Accilvi, Barolo DOCG, 2015
– Dosio, Serradenari, Barolo DOCG, 2015
– Fontana Livia, Villero, Barolo DOCG, 2015
– Francone, Barolo DOCG, 2015
– Le Strette, Begera-Pezzole, Barolo DOCG, 2015
– Marchesi di Barolo, Sarmassa, Barolo DOCG, 2015
– Morra Diego, Monvigliero, Barolo DOCG, 2015
– Negro Angelo & Figli, Barolo DOCG, 2015
– Pira -Chiara Boschis, Mosconi, Barolo DOCG, 2015
– Poderi Marcarini. La Serra, Barolo DOCG, 2015
– Podere Ruggeri Corsini, Bussia Corsini, Barolo DOCG, 2015
– Renato Ratti, Marcenasco, Barolo DOCG, 2015
– Renato Ratti, Rocche Dell’Annunziata, Barolo DOCG, 2015
– Réva, Ravera, Barolo DOCG, 2015
– Stroppiana Dario, Leonardo, Barolo DOCG, 2015
– Viberti Giovanni, Buon Padre, Barolo DOCG, 2015
– 460 Casina Bric, Barolo DOCG, 2015

– Cascina Adelaide, Per Ele, Barolo Riserva DOCG, 2013
– Cascina Lo Zoccolaio, Ravera, Barolo Riserva DOCG, 2013
– Fratelli Serio & Battista Borgogno, Cannubi, Barolo Riserva DOCG, 2013
– Monchiero Fratelli, Rocche di Castiglione, Barolo Riserva DOCG, 2013

Deel dit bericht:

Facebook
Twitter
LinkedIn

Foglia tonda; terug van weggeweest…

Forum foglia tonda

Een nadere kennismaking met de foglia tonda, de eeuwenoude druif die zich mag verheugen in een toenemende belangstelling.

Italie telt talloze on- of minder bekende druivenrassen die zich echter mogen verheugen in een toenemende belangstelling. Zo zorgde het Toscaanse wijnhuis Cinelli Colombini dat op 1 februari jl. alle aandacht uitging naar de Foglia Tonda, een druif die lange tijd gedoemd leek te verdwijnen.

De druif  werd waarschijnlijk voor het eerst in 1877 beschreven door ampelograaf  (afgeleid van “ampelos”, het Griekse woord voor wijnstok) Giuseppe di Rovasenda (1824 – 1913). Di Rovasenda verzamelde honderden wijnstokken en legde er in de tweede helft van de 19e eeuw de wijngaard “La Bicocca” mee aan in Verzuolo (Piemonte) om ze te bestuderen en hun eigenschappen vast te leggen.  Uiteindelijk deed hij dat met niet minder dan  3666 druivenvarieteiten en legde alles vast in zijn ‘Saggio di Ampelografia nazionale (en later universale)’ in samenwerking met Ministerie van Landbouw en de Koninklijke Academie van Landbouw in Turijn. De Foglia Tonda zou hij gevonden hebben in een wijngaard van Castello Brolio in het Chianti (Classico) district, het domein waar Bettino Ricasoli rond 1872 zijn befaamde Chianti-blend samenstelde. De druif werd er toen al gebruikt om de wijnen gebaseerd op sangiovese meer kracht en rijpingspotentieel te geven.

De phylloxeraramp zorgde rond 1900 voor een ware slachting in de Europese wijngaarden en ook in Italie werd het wijngaardareaal gedecimeerd. Honderden druivenrassen verdwenen vrijwel volledig  om slechts hier en daar nog te zijn gespaard en te overleven. Volgens het ‘Registro nazionale delle varietà di viti’ waren er in 1970 nog maar 5 hectare met foglia tonda geregistreerd (sinds 1970 onder nummer 082). De laatste jaren is de aanplant toegenomen tot circa 100 hectare, niet alleen in Toscane, maar ook in Umbrië en Ligurië voor gebruik in de DOC Orcia en IGT’s als Allerona, Bettona, Costa Toscana, Montecastelli, Spello, Umbria, Alta Valle delle Greve, Cannara, Marche, Narni, Toscana en Val di Magra.
De Foja Tonda, zoals o.a. gebruikt door Albino Armani in de Veneto is overigens een andere druif.

De toegenomen aandacht kwam voor rekening van een klein aantal producenten, waaronder Donatella Cinelli Colombini. Afkomstig uit een historische familie met een rijke geschiedenis in Montalcino en omgeving, startte ze in 2001 haar eigen wijndomeinen, waaronder Podere del Colle in Trequenda, gelegen in de DOC Orcia tussen Montepulciano en Montalcino. Ze zag geen enkele reden om hier met vino nobile of brunello te concurreren en koos daarom voor wijnen met een eigen identiteit, weliswaar gebaseerd op sangiovese, maar aangevuld met (o.a.) de foglia tonda, een andere en vooral authentieke, autochtone druif. Omdat kwekerijen de druif in die jaren nog niet konden leveren, werden vooral stekken uit eigen wijngaarden gebruikt voor vermeerdering, o.a. in samenwerking met professor Cesare Intrieri van de Universiteit van Bologna. Inmiddels bieden kwekerijen als Rauscedo de foglia tonda inmiddels ook aan en is van 18 wijnhuizen bekend dat ze actief met de druif werken.

De foglia tonda is een opmerkelijke druif die in eerste instantie opvalt vanwege de ronde vorm van het blad, zo anders dan het 3-lobbige blad van de sangiovese. Daarnaast bezit de druif veel kleur, een frisse zuurgraad en voegt hij kracht en structuur toe voor wijnen met een langer rijpingspotentieel. Andere voordelen van de druif zijn de gulle productie (die serieus beheerst moet worden om fruit met de juiste concentratie te krijgen) en de bestendigheid tegen ziekten en andere aandoeningen, hoewel hij minder resistent is tegen meeldauw. De meeste producenten hebben ‘even’ moeten zoeken naar de juiste behandeling van de plant en zijn fruit. Overproductie is een risico en ook in de kelder is extra aandacht op zijn plaats. De druif is gevoelig voor hout en experimenten met een vinificatie in barriques bleken ‘een kleine ramp’; aldus Donatella Cinelli Colombini. Verschillende producenten hebben hun toevlucht daarom gezocht tot RVS en anfora’s en het zijn juist deze initiatieven die buitengewoon interessante wijnen opleveren.

De producenten en hun wijnen:

Foglia Tonda, Podere Sequerciani, IGT Toscana, 2017
100% foglia tonda, productie circa 1000 flessen
Eigendom van Paolo Menichetti, biologisch gecertificeerd bedrijf in Gavorrano (GR) met 10 ha aan wijngaarden; uitsluitend traditionele druivenrassen. De wijngaard met foglia tonda is slechts 0,8 ha groot en ligt dicht bij zee. De bodem is er rijk aan klei en zandsteen. De pluk geschiedt in 2 delen, eerst wordt een klein deel van de trossen afgeknipt dat niet wordt gebruikt. Enkele dagen later wordt het merendeel geoogst, doorgaans rond 15 september (de foglia tonda rijpt sowieso wat later). De vinificatie vindt plaats in cement, waarbij de wijn vrij vaak wordt overgestoken, om daarna te rijpen in anfora’s en gebruikte barriques. Een jaar na de oogst wordt de wijn gebotteld; er wordt geen sulfiet aan de wijn toegevoegd.
De wijn valt op door zijn diepe, vurig paarse kleur en intense geur met veel donker fruit als bramen en vlierbes; in de aanzet hoge zuren, rijpe tannine structuur, wat ruig, onstuimig karakter, blauwe bessen en vlierbes, eindigt mooi schoon; heel puur en verteerbaar 

Foglia Tonda, Podere Ema, IGT Toscana, 2016
100% Foglia tonda van wijngaard van 2 ha op 250 meter hoogte in de gemeente Grassina (FI) met een bodem die rijk is aan klein en zandsteen. De eerste oogst was in 2014, de productie bedraagt gemiddeld 8000 flessen per jaar.
Gisting en rijping in anfora, maximaal 8 maanden; geen hout (bleek minder geschikt); purperrood, vrij diep; meer open iets gerijpte gestoofde geur; hoge zuren, tannine hier meer aanwezig, wat droging

Valente, Podere Il Castellaccio, IGT Toscana, 2016
25% foglia tonda, 25% pugnitello, 50% sangiovese
Relatief nieuwe producent in Castagneto Carducci (LI) die in plaats van de zo bejubelde internationale druivenrassen in de DOC Bolgheri, juist koos voor druivenrassen als sangiovese en foglia tonda. Werkt biologisch en geeft de foglia tonda een vinificatie in cement met een lagering in tonneaux en laatste periode in cement. De 1e oogst is 2011 en sinds die tijd zoekt men naar de optimale expressie van de druif en zijn terroir. De foglia tonda vindt men makkelijker om mee te werken dan pugnitello; geeft bijvoorbeeld meer elegantie aan de wijn.
Veel kleur; diep paarsrood; lichte purperen gloed, iets rijping; gloedvolle geur, warm en rijk geurend, heel kruidig, zondoorstoofd; de aanzet is slank, opwekkend, stevige houtinvloed, koffie en tabak, zoethout; mooie levendige zuren, lichte droging, hout speelt belangrijke rol, veel zoet in afdronk, goede balans

Cenerentola, Donatella Cinelli Colombini, DOC Orcia, 2015
65% Sangiovese, aangevuld met foglia tonda van wijngaard op 400 meter hoogte in de gemeente Trequanda (SI).
De druiven worden separaat gevinifieerd, en krijgen na de blend een lagering in tonneaux.
Veel kleur, open geur, aromatisch, donker fruit, nette aanzet, hout is duidelijk aanwezig, de nodige droging en ook hoge zuren; veel tabak en zoethout, correct afdronk met veel drop, wederom zoethout en gestoofd fruit; goede lengte, mooi potentieel, hout moet nog meer integreren.

S’Indora, Mocine, IGT Toscana, 2014
100% foglia tonda van biologische wijngaard van 2 ha in de gemeente Asciano (SI)
Werken samen met consultant Attiglio Pagli met wie besloten is om de wijn niet langer in barriques te rijpen, maar in grote houten vaten.
Veel kleur, mooi granaat- tot puperrood; gerijpte geur en smaak, geen grootste structuur, wat zoethout, zwart-wit, correcte balans, iets droging, vriendelijke wijn met wat tannine en mooie zuren, goed verteerbare en vriendelijke wijn

Poggio al Tempo, Santa Vittoria, IGT Toscana, 2011
70% sangiovese, 20% foglia tonda, 10% pugnitello van wijngaarden in de gemeente Foiano della Chiana (AR)
Nette geur, duidelijk meer sangiovese getypeerd, fijn rood fruit, wat hout, zoethout en tabak, goed verweven, goed sappige aanzet, aanvullende druiven geven structuur, wat zwart-wit, gemiddelde structuur, goed verteerbaar, vriendelijke wijn met lekker eigenwijze toets

Mor di Roccia, Podere Anima Mundi, IGT Toscana, 2015
100% Foglia tonda van wijngaarden in de gemeente Lari (PI). Biodynamisch.
Gisting in cement, lagering in oude barriques Frans eiken.
Ruige aanzet, wat robuust in neus en smaak, vrij direct, maar met goede zuren; vrij veel droging, stevige structuur vraagt om eten

Arcere, Poggio al Vento, Orcia DOC, 2015
80% sangiovese, 10% foglia tonda, 10% merlot (biologisch) uit gemeente Castiglion d’Orcia (SI)
veel kleur, romige toets, afgerond in de neus, opwekkende zuren, hout aanwezig, zoethout en tabak, goede zuren, meer sangiovese getypeerd; foglia tonda speelt ondergeschikte rol, wel veel invloed op kleur

Foglia Tonda, Mannucci Droandi, IGT Toscana, 2015
100% foglia tonda (biologisch) uit wijngaard van 3 ha in de gemeente Montevarchi (AR) op 250 meter hoogte. Gisting in vaten van 10hl, gevolgd door weking van 20 dagen en lagering van 14 maanden in 2 tot 3 jaar oude vaten van Frans eiken.
Goed geurend, vrij fris en niet heel diep, maar met mooie evolutie, fijn houtgebruik en een mooie, sappige aanzet; meer aardbeien dan bramen en vlierbes; mooie balans tussen fruit en hout, prima zuren, erg nette wijn. Een persoonlijke favoriet.

Deel dit bericht:

Facebook
Twitter
LinkedIn